Nederland wint Songfestival: Dit levert het ons in 2020 op

Duncan Laurence heeft zaterdag het Eurovisie Songfestival gewonnen. De editie van 2020 wordt daarom in Nederland georganiseerd. Een droom die uitkomt voor liefhebbers van het evenement, maar geen goedkope. Wat betekent het organiseren van het festival eigenlijk voor een land?

Toerisme aanjagen en het imago van het land oppoetsen. Dat waren de twee dingen die de Spaanse dictator Francisco Franco voor ogen had in 1968, toen hij naar verluidt een stel Oost-Europese juryleden omkocht. Daardoor won niet de Britse Cliff Richard, maar de Spaanse Massiel het Songfestival, en mocht Spanje het evenement een jaar later organiseren.

Diezelfde droom jagen veel landen in 2019 nog steeds na – hoewel hopelijk zonder vals te spelen. Er hangt alleen wel een prijskaartje aan: “De afgelopen edities maakten landen er tussen de 15 en 60 miljoen euro voor vrij”, vertelt toerisme-econoom Thijs Geijer van ING. “Het ligt er dus aan hoe groot je als land wilt uitpakken.”

Het podium in Tel Aviv (Foto: Brunopress)

Gratis promotie, dure veiligheidsmaatregelen

Er moet hoe dan ook dagenlang een zaal ter beschikking staan, er moeten mensen worden ingehuurd, het moet veilig zijn en er moeten accommodaties zijn geregeld.

“Je ligt maandenlang onder een vergrootglas, dus promotie krijg je zonder er iets voor te doen. Een groot voordeel”, zegt Albert van Schendel, financieel docent Leisure Management op Breda University. “Maar vanwege die grote media-aandacht moet je ook aan de wereld en mogelijke terroristen uitstralen dat de beveiliging perfect is. Veiligheid is dus een kostbare aangelegenheid.”

“De grootste kostenposten zijn de locatie en infrastructuur”, stelt Geijer. “Dat laatste zal in Nederland waarschijnlijk al voldoende zijn, maar in sommige landen moeten speciaal voor het festival betere wegen of worden aangelegd of een concertlocatie worden gebouwd. Ook qua locatie zitten we vermoedelijk al goed: we hebben geschikte opties zoals Rotterdam Ahoy en de Johan Cruijff ArenA.”

De financiering wordt deels verzorgd door een vast bedrag van zo’n 5 miljoen euro van Europees omroepenverbond EBU, aangevuld met geld van de landelijke publieke omroep. Bij ons komt dat dus van de NPO. Die laat NU.nl weten nog niet vooruit te willen lopen op de winst, en dus ook niet op de kosten van het evenement.

“Mensen die elkaar gewoonlijk nooit hadden gevonden, komen met elkaar in contact en blijven ook na het evenement samenwerken”

Gerben Baaij, Dordrecht Marketing

‘Niet alles is meetbaar’

Het gaat dus hoe dan ook miljoenen kosten, maar krijgen we er ook iets voor terug? Zeker. Geijer: “Het levert directe bestedingen op van mensen die hiervoor naar Nederland komen, waar ze voor hun reis, verblijf en festivalkaartje betalen. Indirecte bestedingen bestaan onder meer uit de hotels die hun leveranciers uitbetalen en de uitgaven van de concertlocatie.”

Toch is dat minder mooi dan het klinkt. “Kijk je naar het economische effect op Nederland, dan komen we tot de conclusie dat dit onder de streep uiteindelijk nihil is”, zegt Geijer. Zo nemen de toeristen voor het Songfestival simpelweg de plaats in van de toeristen die er gewoonlijk zouden zijn. Die komen op een ander moment, of gaan naar een heel ander land, legt de econoom uit.

Toch moeten we ook niet vergeten dat er meer is dan economische opbrengsten alleen, zegt Gerben Baaij, directeur van Dordrecht Marketing. “Mensen die elkaar gewoonlijk nooit hadden gevonden, komen met elkaar in contact en blijven ook na het evenement samenwerken. De dynamiek verbetert daardoor. Inwoners van een stad worden trots op waar ze wonen, en vinden het er nog fijner. Die effecten kun je lastig meten, maar ze zijn er wel.”

Ook Van Schendel ziet andere voordelen. “Zo’n evenement heeft altijd een hoger doel: een evenement tot een goed eind brengen versterkt het imago van het land. Dat deed het WK voetbal met Duitsland, dat doet Formule 1 met Zandvoort. En organiseren kunnen we in Nederland: hier loopt zelfs de griepprik gesmeerd.”

We moeten volgens de Leisure Management-docent bovendien onthouden dat het om een bijzonder evenement gaat. “Niet iedereen krijgt de kans, want je moet winnen om het te mogen doen. Dat maakt het schaars en gewild.”

Ahoy in Rotterdam, een mogelijke locatie voor het Songfestival (Foto: ANP)

‘Bedenk of het in het DNA van de stad past’

Hoewel in Amsterdam al langer stemmen opgaan over de overlast van toeristen, denkt stadsmarketeer Baaij niet dat het per definitie een slecht idee is om voor de hoofdstad te kiezen. “Je moet bedenken of het bij de DNA van de stad past, en dat zou in dit geval best kunnen.”

“Amsterdam profileert zich als de stad van de gaypride, waar de homocommunity welkom is. Dat kan de stad zo nog verder benadrukken, omdat dit een belangrijke doelgroep is van het Songfestival”, legt hij uit. Bovendien hoeft meer toerisme naar de hoofdstad niet negatief te zijn, denkt hij. “Je kunt als stad ook kiezen voor het weren van bepaalde mensen, en zo’n doelgroep juist wel aantrekken.”

Anderzijds ziet Baaij grote steden als Utrecht en Rotterdam ook als goede opties. “Maar ik zou het niet meteen naar Den Haag halen. Of Dordrecht (lacht). Dat zou qua schaal en omvang een heel slecht idee zijn.”

Duidelijk is in ieder geval dat we de overwinning niet kunnen bepalen zoals Franco dat deed. De vraag is daarbij of we dat oppoetsen van het imago én het aanjagen van het toerisme in dezelfde zin nodig hebben als een dictatuur eind jaren zestig. Maar, zegt ook econoom Geijer: “Het is natuurlijk ook gewoon leuk.”

Via Nu.nl